160 uur werkstraf voor dodelijk mishandelen hond

Openbaar Ministerie

Den Haag 12.06.2014 - De Haagse politierechter heeft woensdag 11 juni een 29-jarige Hagenaar veroordeeld die een hond dusdanig heeft mishandeld dat het dier is overleden.

Ook deed de man een valse aangifte door bij de politie te beweren dat een groep mannen in het Zuiderpark de hond hadden mishandeld en dat het dier kort daarop was overleden.

De politierechter volgde de eis van de officier van justitie en legde de verdachte 160  uur  werkstraf waarvan 60 voorwaardelijk op. Ook moet hij zich laten behandelen voor zijn agressie.

Op 22 maart vorig jaar deed de Hagenaar bij de politie aangifte van mishandeling van de hond. De man zorgde al een aantal maanden voor de hond van een vriendin van hem, en hij vertelde de politie dat hij samen met het dier die dag naar het Zuiderpark was gegaan en dat hij de hond toen even uit het oog was verloren. Hij vertelde de politie dat hij vervolgens zag hoe een groep Antilliaanse jongens de hond zwaar mishandelden. Volgens zijn verklaring riep hij iets tegen de groep en daarna zouden ze zijn weggerend. Hij zou daarop met de hond naar huis zijn gegaan, waar het dier niet lang daarna overleed.

De politie startte direct een onderzoek naar de daders van deze mishandeling en ook de 29-Hagenaar deed voorkomen alsof hij op zoek was naar de daders. Zo zou hij flyers met een getuigenoproep hebben verspreid. Bij de politie was echter een week voor de dood van de hond een melding binnengekomen dat de man zijn hond zou mishandelen. De politie had deze melding onderzocht, maar op dat moment geen zichtbare verwondingen bij de hond gezien.

Het politieonderzoek splitste zich vervolgens op in een onderzoek naar de Hagenaar zelf en naar de mogelijkheid dat er de hond in het park door Antilliaanse jongeren was mishandeld. Er werd een burgernetoproep verstuurd, via twitter werden getuigen verzocht zich te melden en er werd een passantenonderzoek gedaan. Het onderzoek naar de groep jongeren zorgde voor geen enkel aanknopingspunt, terwijl het onderzoek tegen de Hagenaar zelf, steeds meer bewijs opleverde dat hij zelf de hond zo zwaar had mishandeld dat het was overleden.

Een aantal medewerkers van de fietsenwinkel onder de woning van de verdachte en andere buren vertelden de politie dat zij al veel vaker in de woning geluiden van het slaan, stompen of schoppen tegen iets hadden gehoord en hierna hoorden ze altijd de hond piepen of huilen. Uit de sectie blijkt dat de hond interne verwondingen had die voortkomen uit schoppen en slaan. De hond werd, zo is de conclusie, gedurende langere tijd mishandeld.

De 29-jarige Hagenaar ontkende na zijn aanhouding op 17 juli 2013 alle beschuldigingen en ook tijdens de zitting zei hij onschuldig te zijn. De officier benadrukte tijdens de rechtszaak dat de hond een afschuwelijke dood is gestorven. En dat het dier in de weken daarvoor ook al meerdere malen is mishandeld. Dat de Hagenaar vervolgens een valse aangifte deed en daarmee de politie veel onnodig werk heeft bezorgd, vond hij onbegrijpelijk.