Aanpak seksueel en relationeel risicogedrag onder jongeren

Geplaatst door Westlanders.nu op 18/06/2013 21:07 - Gewijzigd op 19/07/2013 21:24

Westland 20.07.2013 - De fractie LPF Westland heeft het college en expliciet wethouder El Mokaddem, in een op 19 juni 2013 ontvangen brief, vragen gesteld aangaande de notitie ‘Aanpak seksueel en relationeel risicogedrag onder jongeren in het Westland’.  

Ingevolge het bepaalde in artikel 26 van uw "Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad", beantwoorden wij deze vragen voor zover het een collegestandpunt betreft. Schriftelijke vragen zijn bedoeld voor het verduidelijken van feiten en handelswijzen, achtergrondinformatie en/of collegestandpunten, zo stelt het reglement. Een nadere verklaring van een persoonlijke opvatting van een individueel collegelid is hier principieel van uitgesloten.

Gelet op het bovenstaande, beantwoorden zij uw vragen als volgt:

Vraag 1

Wij zien graag een reactie van het college hoe zij ertegen aan kijkt dat nou juist de wethouder Jeugd- en jongerenwerk deze notitie en de aanpak niet (volledig) ondersteunt.

Antwoord 1

Het college heeft de ‘Aanpak seksueel en relationeel risicogedrag onder jongeren in het Westland’ vastgesteld. Er is sprake van collegiaal bestuur waarbij de burgemeester en wethouders gezamenlijk dit besluit hebben genomen en hier als eenheid achter staan.

Vraag 2

Graag ontvangen wij van het college expliciet aangegeven welke zaken uit de notitie wethouder El Mokaddem niet ondersteunt en waarom niet?

Antwoord 2

In de desbetreffende B&W vergadering is onder andere gesproken over het onderdeel themagericht werken aan weerbaarheid en de keuze tot het al dan niet inzetten van de preventieve lespakketten voor de onderbouw van het basisonderwijs. Wethouder El Mokaddem heeft in die discussie aangegeven het advies op dit punt niet te delen, naar zijn mening zou pas in de bovenbouw van het basisonderwijs gestart moeten worden met de preventieve lespakketen. 

Op grond van het advies in de notitie is deze keuze de verantwoordelijkheid van de scholen. Het college ondersteunt met zijn besluit tot vaststelling de voorgestelde aanpak. Er is sprake van collegiaal bestuur waarbij de burgemeester en wethouders gezamenlijk dit besluit hebben genomen en hier als eenheid achter staan.

Vraag 3

Uit diverse publicaties blijkt dat jongeren zich op steeds vroegere leeftijd bezig houden met seksueel gedrag of hiermee ongevraagd geconfronteerd worden doordat loverboys steeds jongere meisjes ronselen. Ontkent de wethouder al deze problematiek en is hij ook op dit punt van mening dat de verantwoordelijkheid hiervoor primair bij de ouders ligt. Ook in ogenschouw nemend dat ouders vaak niet op de hoogte zijn van wat er op scholen allemaal al wordt gezegd over seksualiteit, loverboy-praktijken, etc.? Hoe kan de wethouder bewerkstelligen dat ouders die verantwoordelijkheid nemen en uitdragen aan hun kinderen? Of is de wethouder met ons van mening dat het verstandiger is dit centraal aan de scholen over te laten?

Antwoord 3

Het college erkent de problematiek. Om die reden is de aanpak breed opgezet en gericht op alle vormen van grensoverschrijdend gedrag. Ouders zijn  primair verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen. Scholen hebben een belangrijke rol bij voorlichting en educatie op het gebied van seksualiteit en weerbaarheid. Het CJG zal in samenwerking met de scholen, voorlichting gaan geven aan ouders over dit onderwerp. Zo wordt de vaardigheid om het onderwerp seksualiteit en weerbaarheid te bespreken met hun kinderen vergroot en hebben zij een vast aanspreekpunt voor vragen op dit gebied.

Vraag 4

Ook kan goede voorlichting op school en op een open wijze zaken aan de orde stellen er wellicht aan bijdragen dat kinderen misbruik melden en dit niet als normaal gaan beschouwen en wellicht in een eerder stadium geholpen kunnen worden. Is de wethouder het met onze fractie eens dat het belangrijk is dat kinderen vroegtijdig op de hoogte worden gesteld van homoseksualiteit? Bijgebracht worden dat dit geen schande is. Mede omdat in veel gezinnen deze groep een stempel opgedrukt krijgt van “ongewenst” of “niet gepast” of zelfs ontoelaatbaar”. Een ontwikkeling die we nu juist niet willen? Is de wethouder met ons van mening dat juist in die gevallen deze voorlichting ontbreekt?

Antwoord 4

Het college erkent de problematiek. Met het vaststellen van de aanpak onderschrijft het college het belang van ondersteuning van kinderen bij hun relationele en seksuele ontwikkeling. Seksuele oriëntatie maakt hier ook onderdeel van uit.

Vraag 5

De fractie van wethouder El Mokaddem, Progressief Westland, heeft op 28 juni 2011 voorgestemd bij de motie inzake het HLBT-beleid. Deze motie werd ingediend door de fractie van D66 Westland en er werd uitsluitend tegengestemd door de fractie van CU/SGP. Een vrijwel Raadsbreed gesteunde motie dus. Deze motie beoogt juist de actieve voorlichting in het onderwijs. Ondersteunt de wethouder deze motie nog steeds en is hij bereid namens het college deze motie ook actief uit te voeren en positief uit te dragen?

Antwoord 5

Het college voert de motie inzake het HLBT-beleid uit.

Wij gaan er vanuit uw vragen met deze brief te hebben beantwoord.

Burgemeester en wethouders van Westland,

de secretaris,                       de burgemeester, 

M. van Beek

J. van der Tak