Kans op bodemverzakking door fracken bij Coldenhoven

College Maassluis

Maassluis 11.04.2015 - De fractie van D66 heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college over gaswinning van de NAM in Maasland.

Het college heeft de vragen als volgt beantwoord.

1. De kans op bodemdaling en bevingen zijn groot bij gaswinning in de bodem van Midden Delfland en Maassluis, zoals in Groningen is gebeleken. De kans dat Maassluis hier in de toekomst mee te maken krijgt is eveneens groot. Wij hebben vernomen dat ook het Hoogheemraadschap van Delfland hier kritisch tegenover staat. Heeft u inmiddels al een definitief standpunt hierover ingenomen?

Wij zijn geen voorstander van gaswinning binnen of tegen onze gemeentegrens. Wij zijn kritisch op de gevolgen van en de invloed op onze gemeente. Naar aanleiding van de MER en de bevindingen van het Hoogheemraadschap van Delfland zullen wij kijken naar een definitief standpunt, waarbij wij blijven staan voor de belangen van onze gemeente.

2. Dat risico wordt door het ‘fracken’ met explosieven bij de bestaande putten nog eens vergroot en daarbij geeft het gebruik van chemicaliën risico van bodemverontreiniging. Bent u bij deze activiteiten betrokken?

Zo ja welke afspraken heeft u daarover met welke partijen gemaakt? Zo nee, welke maatregelen gaat u nemen om deze risico’s in te dammen?

De activiteiten van de NAM op de bestaande locatie Coldenhove/Gaag hebben betrekking op een eenmalige frack. Bij conventioneel fracken zoals de NAM dat doet, zijn geen explosieven betrokken. Wel worden er in de bestaande boorpijp extra gaten geschoten om het gas makkelijker te laten toestromen. Wij willen u er op wijzen dat de frack op Coldenhove inmiddels afgerond is en de locatie wordt weer naar de oude staat terug gebracht.

Als college worden wij geïnformeerd door de NAM met betrekking tot deze ontwikkelingen. Wij hebben geen directe inspraak op de activiteiten op de locatie omdat dit een verantwoordelijkheid en bevoegdheid is van het ministerie van Economische Zaken.

3. De gevolgen van extra gaswinning via nieuwe putten en fracken kunnen van invloed zijn op de bestaande woningen in Maassluis maar ook op de nieuw te bouwen woningen. Wordt al rekening gehouden met deze effecten bij de te bouwen woningen in de Dijkpolder, zoals nu ook gebeurt in de noordelijke provincies?

Nee, er wordt geen rekening gehouden met deze mogelijke effecten bij de bouw van de woningen in de Dijkpolder, zoals dat in Groningen nu gaat gebeuren. Dit omdat er nog geen sprake is van gaswinning en er derhalve nog geen noodzaak voor is. De Dijkpolder maakt momenteel wel onderdeel uit van het gebied dat wordt bekeken door NAM en Hoogheemraadschap met betrekking tot de eventueel te nemen maatregelen naar aanleiding van eventuele bodemdaling.

4. Voor de nieuwe gaswinning moet een MER (milieueffectrapportage) gemaakt worden. Is u bekend of deze al gestart is?

Bij het opstarten van een MER wordt aan belanghebbenden gevraagd welke milieuonderdelen onderzocht moeten worden. Is dit ook aan u gevraagd en zo ja waarom heeft u de raad hier niet over ingelicht?

Voor de aanleg van een nieuwe gaswinninglocatie en een pijpleiding dient de NAM een verzoek tot wijziging van het bestemmingsplan aan te vragen bij de betreffende gemeente, in dit geval Midden-Delfland. Deze wijziging gaat vergezeld met een milieueffectrapportage (MER). Voordat er een MER wordt opgesteld wordt er een notitie reikwijdte en detailniveau opgesteld. Dit is de afbakening (reikwijdte en detailniveau) voor de milieueffectrapportage.

Deze notitie is gepubliceerd en opgestuurd naar belanghebbenden. De commissie MER heeft geadviseerd in de reikwijdte en het detailniveau. Momenteel is de MER in voorbereiding, maar is de procedure gestaakt vanwege de onduidelijkheid over de invloed op de bodem en de grondwaterstand.

Om deze reden is de NAM in overleg met het Hoogheemraadschap Delfland en zal de NAM voorafgaand en de MER-procedure extra onderzoek doen naar eventuele bodemdaling. Wij worden, op ons aandringen, actief betrokken bij dit onderzoek en zullen de procedure en de rapporten kritisch bestuderen en, indien hiervoor aanleiding is, zullen wij daarop reageren (overleggen, indienen van reacties, bezwaar).

5. De minister EZ heeft aan de gemeente Midden Delfland verzocht om mee te werken aan de gaswinactiviteiten. Heeft de minister dit ook aan u gevraagd? Zo nee, gaat u hierover de minister alsnog benaderen? Zo ja, wat heeft u de minister bericht?

Nee, bij ons is een dergelijk verzoek niet binnengekomen. Wij zien op dit moment geen reden om de minister te benaderen en concentreren ons op het bodemdalingsonderzoek. De minister heeft enkel een formeel besluit van de gemeente Midden-Delfland nodig (bestemmingsplan) en zal ons dan ook niet benaderen.

6. Vindt u het niet vreemd dat de inwoners van de gemeente Midden Delfland over de voorgenomen activiteiten van de NAM wel worden geïnformeerd via inloopavonden en de inwoners van Maassluis niet? Immers de gaswinning vindt plaats aan de grens met Maassluis. Gaat u hiervoor alsnog initiatieven ondernemen en zo ja welke?

In overleg met de provincie is door de NAM een zoekgebied aangegeven waarbinnen de realisatie van een nieuwe gaswinninglocatie mogelijk zou zijn. Medio 2012 zijn er door NAM oriënterende gesprekken gevoerd met de gemeente Midden-Delfland over de aanleg van deze nieuwe gaswinninglocatie bij de A20, aan de zijde van Maasland. Er is toen geen contact geweest vanuit de NAM met de gemeente Maassluis, omdat Maassluis geen onderdeel uitmaakt van het door de provincie aangegeven zoekgebied. Na bestuurlijk overleg met ons in 2014, heeft de NAM aangegeven in het eerste hafjaar van 2015 een bijeenkomst over de nieuwe locatie te organiseren en hiervoor ook de inwoners van Maassluis uit te nodigen.

7. Is het u bekend dat de gemeente Ridderkerk, NEE heeft gezegd tegen gelijksoortige plannen. Volgens deze gemeente moet de NAM op zoek naar duurzame alternatieven. Hoe staat u hier tegenover en heeft u de NAM uw visie hierover al gegeven? Heeft u ook contact gehad met de gemeente Ridderkerk? Zo nee, gaat u dat alsnog doen? Zo ja, wat heeft u de NAM en de gemeente Ridderkerk hierover bericht?

Het betreft hier de gemeente waarin de activiteiten daadwerkelijk plaatsvinden en waarvoor de gemeente dan ook het bestemmingsplan moest aanpassen. De gemeente Ridderkerk heeft zich negatief uitgesproken over de voorgenomen ontwikkelingen en weigert dan ook een bestemmingsplan op te stellen om deze ontwikkeling mogelijk maakt. Opgemerkt mag worden dat dit een relatief klein gasveld betreft en dat in theorie het ministerie van Economische Zaken tegen dit besluit in kan gaan, zodat activiteiten alsnog plaats kunnen vinden. Wij hebben hierover geen contact gehad met de gemeente Ridderkerk en zijn ook niet voornemens dit te doen.

8. De booractiviteiten geven geluidoverlast in een gebied dat al geluidbelast is. Daarnaast kan er sprake zijn van lichthinder. Welke maatregelen heeft u genomen of gaat u nog nemen om deze overlast voor de inwoners van Maassluis alsnog te voorkomen?

De NAM probeert de overlast voor de omwonenden te beperken en zal in overleg met alle betrokkenen maatregelen nemen om dit te bereiken. Ook hierover blijven wij in gesprek met NAM en zullen wij het proces en de communicatie nauwgezet volgen. In de eventuele vergunning worden voorschriften opgenomen ter voorkoming van geluid- en lichthinder.

Vooralsnog is hierop geen actie mogelijk vanuit de gemeente Maassluis, omdat de vergunning pas aangevraagd kan worden als het bestemmingsplan is herzien. Dit is nog niet het geval.