Rijkswaterstaat start berging Baltic Ace

Rijkswaterstaat

Rotterdam 03.06.2014 update - Rijkswaterstaat is donderdag 29 mei gestart met de werkzaamheden op de wraklocatie van de Baltic Ace.

Deze zomer wordt de olie uit het schip verwijderd. In de zomer van 2015 wordt het schip vervolgens in zes stukken gezaagd en in delen geborgen.

Door het wrak volledig op te ruimen verbetert de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven, de veiligheid voor de scheepvaart en worden de milieurisico’s weggenomen.

Olie verwijderen

De stookolie in het schip is gestold. Voordat de olie verwijderd kan worden moet deze eerst verwarmd worden, zodat het weer vloeibaar wordt. Dit gebeurt met de zogenaamde ‘Hottap-systeem’ en verwarmingselementen. Hierbij wordt de tankinhoud verwarmd en de vloeibare olie uit de tanks gepompt.

In delen bergen

Na de olieverwijdering, worden er hijspunten op het wrak aangebracht. Vervolgens wordt het wrak met vijf zaagsneden verdeeld in zes stukken. Nadat het hele wrak in delen is gezaagd, worden de afzonderlijke wrakstukken omhoog gehesen. De wrakstukken worden op een ponton geplaatst en afgevoerd naar de verwerkingslocatie. Na het hijsen van de zes wrakdelen, worden de eventuele kleinere wrak- of ladingresten van de zeebodem verwijderd met hulp van kranen en een wrakkengrijper.

Achtergrond

Op 5 december 2012 vond op de Noordzee een aanvaring plaats tussen autocarrier Baltic Ace (zie foto) en containerschip Corvus J op ongeveer 65 kilometer van Goeree-Overflakkee. De Baltic Ace zonk direct. Van de 24 bemanningsleden overleefden 13 het ongeluk.

Het wrak ligt midden in een van de drukst bevaren internationale scheepvaartroutes van de Noordzee en hindert een vlotte en veilige doorvaart voor de 16.000 schepen die hier jaarlijks richting Rotterdam varen. Ook vormen de stookolie en de ruim 1400 auto’s aan boord van het scheepswrak een bedreiging voor het milieu.

Rijkswaterstaat heeft de opdracht voor de berging van het wrak in maart 2014 gegund aan de bergingscombinatie Boskalis Nederland B.V./Mammoet Salvage B.V.