College Westland geeft tekst en uitleg over asbestbrand- en sanering

College Westland

Wateringen 04.03.2015 - De fracties LPF Westland en Progressief Westland hebben B&W vragen gesteld over de asbestbrand in Wateringen.

Ingevolge het bepaalde in artikel 26 van uw "Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad van de gemeente Westland 2013", beantwoorden zij deze vragen van LPF Westland als volgt:

Vraag 1

Kan het college van B&W een overzicht overleggen of de verschillende afdelingen van gemeente Westland goed hebben gefunctioneerd bij een brand van deze omvang en mede het vrijkomen van asbest? Hebben de verschillende afdelingen hun taken goed uitgevoerd, mede gezien het tijdstip (nacht) van de brand? Is de communicatie direct na de brand richting bedrijven en bewoners volgens het college juist verlopen?

Antwoord 1

Aangezien er in essentie sprake was van een crisis- en rampsituatie, is op 13 januari jl. besloten het proces van asbestsanering te laten plaatsvinden onder leiding van het gemeentelijke Actiecentrum Bevolkingszorg. Dit actiecentrum bestaat uit de disciplines Communicatie (pers en publieksvoorlichting), Publieke zorg (evacuatie/ opvang van mens en dier), Omgevingszorg (Ruimte en Milieubeheer), Informatie (registreren en verslaglegging) en Ondersteuning (juridisch en financieel). De werking van de noodverordening, het actiecentrum Bevolkingszorg en het proces van asbestsanering behoren tot de verantwoordelijkheid van de burgemeester.

Vanaf het moment van de brand en de opvang van de 36 geëvacueerde bewoners zijn alle gemeentelijke communicatiekanalen gebruikt om bewoners zo goed mogelijk te informeren. Tijdens de crisisfase waren gemeentelijke medewerkers buiten in oranje jassen aanwezig om mensen ter plekke te woord te staan. Er zijn onder leiding van de burgemeester negen bewonersbijeenkomsten georganiseerd, waar in totaal ongeveer 450 mensen aanwezig waren. Tijdens deze bijeenkomsten hebben de projectleiding, GGD Haaglanden, de asbestsaneerders en het inspectiebedrijf uitleg gegeven over de aanpak van de sanering. Deze aanpak is in essentie gedurende de gehele periode gevolgd.

Er is de afgelopen weken heel veel op ons afgekomen. Gelukkig hadden we nog geen ervaring met een dergelijk incident. De ambtelijke organisatie en saneerders werken hard om goed werk te leveren. Waar mensen werken worden er helaas fouten gemaakt. Er zijn dan ook zeker zaken voor verbetering vatbaar. Op termijn zal er een evaluatie plaatsvinden. Hierin zullen we met alle betrokkenen kritisch alle gebeurtenissen doornemen en kijken welke zaken voor verbetering vatbaar zijn. Uw constateringen stellen wij dan ook op prijs en deze nemen we mee in de evaluatie.

Vraag 2

Op het blog en de site van de gemeente staat dat er een telefoonnummer is voor alle vragen dat 7 dagen per week, 24 uur per dag bereikbaar is (middels meldpunt leefomgeving). Zondag 18 januari 2015 is er gebeld naar het nummer en de bewoner kreeg een bandje dat het gemeentekantoor gesloten is en dus niet bereikbaar is. Vindt het college dit handig in dit specifieke geval en zou het de gemeente niet sieren om bereikbaar te zijn voor deze wijk, zeker in het weekend? Asbestverspreiding houdt zich immers niet aan vrije weekenden

Antwoord 2

24 uur per dag kunnen vragen worden gesteld aan het Klantcontactcentrum, ook in het weekend. Dat was het eerste weekend na de brand ook al het geval, maar de tekst op het antwoordapparaat bracht bellers in verwarring. De tekst is inmiddels aangepast.

 

Vraag 3

Heeft gemeente Westland een draaiboek voor dit soort rampen en zo ja, kan het college dit aan de Raad verschaffen?

Antwoord 3

Door het toenmalige ministerie van VROM (tegenwoordig I&M) is in 2006 een standaard plan van aanpak voor asbestbranden opgesteld.

Bij het uitvoeren van de saneringswerkzaamheden wordt de richtlijn en het plan van aanpak asbestbrand van het ministerie van VROM aangehouden (zie liveblog voor een kopie van deze aanpak).

Vraag 4

Gesproken wordt over de aanwezigheid van een hennepkwekerij in een deel van het afgebrande gebouw. Omwonenden hebben ons gemeld dat er al diversen keren melding van een mogelijke kwekerij is gemaakt, dit ook i.c.m. de stroomstoringen. Kan het college dit bevestigen? Indien het college dit niet kan bevestigen, is de burgemeester terplekke gaan kijken of is hij gewezen op de resten van aanwezige wietplanten?

Antwoord 4

Zoals door de burgemeester is aangegeven, is er bij de gemeente en de politie niets bekend over een hennepkwekerij. Na de brand is niets gevonden dat duidt op de aanwezigheid van een hennepkwekerij. Wel wordt nu aan de hand van meldingen van bewoners na de brand onderzoek gedaan.

Vraag 5

Als de aanwezigheid van illegale activiteiten de mogelijke oorzaak zou zijn geweest van de brand wie is er dan aansprakelijk voor alle geleden schade? Wat is de rol van de gemeente hierin?

Antwoord 5

Primair zijn de eigenaar en gebruiker (huurders) zelf altijd verantwoordelijk voor een juist en veilig gebruik van een pand. Als illegaal en of onveilig gebruik door bouw- en woningtoezicht wordt geconstateerd, dan wordt daarop vanzelfsprekend gehandhaafd.

De gemeente was ter plaatse overigens bezig met handhaving. Aan een van de huurders is in december 2014 een dwangsom opgelegd vanwege geconstateerd gebruik in afwijking van het bestemmingsplan.

Vraag 6

Een aantal gespecialiseerde bedrijven hebben zich ingezet voor het opruimen van de asbest. Wie heeft het bedrijf Ecoloss ingeschakeld? Kan het college aangeven op basis waarvan dit bedrijf is ingeschakeld en wie is de 1e verantwoordelijke voor het betalen van de kosten aan Ecoloss?

Antwoord 6

Asbestsaneerder EcoLoss BV is dinsdagmorgen vroeg ingeschakeld om de vrijgekomen asbest op te ruimen en verdere verspreiding te voorkomen. De opdracht hiertoe is gegeven op grond van de wettelijke plicht die ingevolge de Wet milieubeheer op een ieder rust om voldoende zorg in acht te nemen voor het milieu en ingegeven door de situatie met dwingende spoed.

Bij de gemeente is bekend dat EcoLoss veel ervaring heeft met het bestrijden van de gevolgen van incidenten en calamiteiten met gevaarlijke stoffen, waaronder asbest. Het bedrijf wordt vaak ingeschakeld voor grootschalige incidenten met risico’s voor de volksgezondheid, beschikt over alle noodzakelijke certificaten en werkt volgens de wettelijke normeringen.  EcoLoss schakelt, conform het verzoek van de gemeente, Westlandse bedrijven in waar mogelijk.

Behalve EcoLoss is ook aannemer De Groot uit Alkmaar aan het werk in het gebied. De Groot werkt in opdracht van de eigenaar van het bedrijfsverzamelgebouw en is bezig met het saneren van de bron (brandhaard) en de percelen Ambachtsweg 4 t/m 32.

Wij hebben de eigenaar van het afgebrande pand aansprakelijk gesteld voor de schade. Het opruimen van straten, daken en tuinen is vanwege het spoedeisende belang onder bestuursdwang opgepakt door de gemeente om de kans op gezondheidsrisico’s te minimaliseren en bewoners zo snel mogelijk weer hun normale leven te kunnen laten oppakken.
De gemeente heeft vanuit haar zorgplicht voor de gezondheid en veiligheid van haar inwoners besloten om niet alleen de sanering van de openbare ruimte, maar ook de sanering van tuinen en daken op te pakken. Wij ruimen dus op wat door een ander is veroorzaakt en zullen de hiermee samenhangende kosten verhalen op de veroorzaker van de vervuiling.

Vraag 7

Uit de diversen berichten lijkt het erop dat de opruimwerkzaamheden niet altijd logisch worden uitgevoerd. Er is een zeer summier plan van aanpak en kostenraming, maar in de praktijk blijkt dat niet de omschreven werkvolgorde wordt gevolgd. Er is niet van boven naar beneden gewerkt en door de (harde) wind zijn net schoongemaakte straten weer verontreinigd. Wie coördineert een dergelijke schoonmaak en wie houdt er toezicht en voert de regie? Heeft de gemeente ook zelf de kennis en kunde in huis om toezicht te houden? Indien de gemeente deze kennis en kunde niet in huis heeft, waarom is er geen onafhankelijk adviesbureau ingeschakeld die de aangegeven werkwijze controleert en regisseert?

Antwoord 7

Bij het uitvoeren van de saneringswerkzaamheden wordt de richtlijn van het ministerie van VROM aangehouden. De werkzaamheden worden gecoördineerd vanuit de gemeente, hiervoor is een projectleider en een toezichthouder aangesteld. Dagelijks vindt er afstemmingsoverleg plaats met de saneerders in een bouwoverleg en wordt de actuele stand van zaken besproken (voortgang werkzaamheden, weer, inzet materieel, materiaal etc.). Daarnaast is er zeer regelmatig contact met de externe adviseur van de DCMR om de adviezen en aanpak te toetsen.

De werkzaamheden worden onder andere bepaald door de weersomstandigheden, medewerking van bewoners, etc. Hierdoor kan het lijken dat werkzaamheden niet logisch worden uitgevoerd. Bij harde wind mogen de hoogwerkers en kranen bijvoorbeeld niet gebruikt worden en kan het zijn dat de saneerders overgaan op een andere werkvolgorde.

Vraag 8

Zijn er Westlandse bedrijven ingezet bij de opruimwerkzaamheden, indien ja, kunt u aangeven om welke omvang van de werkzaamheden dit gaat? Zo nee, waarom zijn de Westlandse bedrijven niet benaderd?

Antwoord 8

Bij de opruimwerkzaamheden zijn de volgende Westlandse bedrijven ingezet:

Van Nierop (afzettingen, materialen), Vrij groenvoorzieningen (bomenkap Velo, Erasmus en Ambachtsweg),  W-Sign (verkeersregelaars), HG Security (beveiliging materieel en materiaal, Van der Waal Infra (toezichthouder), A.A Snijders (herbestratingswerkzaamheden). Van Vliet (afvalinzameling), Golden Village (vergaderruimte tijdens crisissituatie), Fleur 69 (leveren attenties vrijgavegebieden), Boekesteijn (kraanverhuur), Vreugdenhil (auto’s slepen), bakkerij Roodenrijs, Vitis Welzijn.

Ten behoeve van het nemen van monsters en het opstellen van asbestinventarisatierapporten van de in de nabijheid van de brandhaard aanwezige woningen is gebruik gemaakt van SAM-Advies B.V, gevestigd te ’s-Gravenzande. Het bedrijf C.A. de Groot uit Alkmaar is door de eigenaren van de verloren gegane loods ingezet.

Vraag 9

Zijn er voor de inventarisatie, controle en opruimwerkzaamheden van de asbestvervuiling drie verschillende bedrijven ingeschakeld die geen binding hebben met elkaar? Zo niet, bent u het dan met LPF Westland eens dat er een situatie kan ontstaan waarin de slager zijn eigen vlees keurt en een mogelijk ongewenst resultaat wordt verkregen?

Antwoord 9

Wettelijke regelgeving bepaalt dat inventarisatie, verwijdering en vrijgave niet in één hand mogen liggen Alle werkzaamheden worden daarom uitgevoerd door aparte gecertificeerde / geaccrediteerde bedrijven.

Vraag 10

Kan het College een overzicht geven van de geschatte hoeveelheid nog aanwezig asbest op de daken en in de tuinen in het gebied

Antwoord 10

Deze inschatting is niet te geven, omdat de mate van besmetting van daken en tuinen uiteen loopt. Als een deel van de wijk een vrijgave-certificaat ontvangt van een geaccrediteerd bedrijf, dan is er sprake van ‘asbestveilig’

Vraag 11

Kan het college aangeven wat de opruimkosten zijn voor het Velo-complex (inclusief de velden) en wie 1e verantwoordelijke is voor de opruimkosten? Zijn er meerdere prijsopgaven gevraagd voor deze specifieke opruimkosten?

De opdracht hiertoe is gegeven op grond van de wettelijke plicht die ingevolge de Wet milieubeheer op een ieder rust om voldoende zorg in acht te nemen voor het milieu en ingegeven door de situatie met dwingende spoed.

Antwoord 11

De eigenaren van het afgebrande pand zijn aansprakelijk gesteld voor de schade. Het opruimen is vanwege het spoedeisende belang onder bestuursdwang opgepakt door de gemeente.

Er zijn geen aparte prijsopgaven gedaan, omdat we hier te maken hadden met dwingende spoed. In het raadsvoorstel Krediet asbestsanering is een kostenoverzicht opgenomen.

Vraag 12

Wordt elke direct omwonende in het gebied verplicht gesteld mee te werken aan een inventarisatie van de aanwezige asbest in en om hun woning? Houdt het college de regie inzake deze inventarisaties? Zo nee, hoe denkt het college dan het gebied vrij te krijgen van de asbestresten en zorg voor een goede volksgezondheid van de Wateringse inwoners in dit gebied?

Antwoord 12

Om asbest goed en veilig te kunnen verwijderen, moet altijd eerst in kaart worden gebracht waar het asbest ligt en wat voor soort asbest het betreft. Op grond van het daaruit op te stellen asbestinventarisatierapport en een werkplan, wordt bepaald hoe het asbest verwijderd wordt.

Voor het verwijderen van asbest dient een sloopmelding te worden gedaan bij de gemeente. Bij deze sloopmelding is het opstellen van een asbestinventarisatierapport een indieningsvereiste. Zonder rapport kan er geen asbest verwijderd worden.

Na de verwijdering, controleert en bepaalt een onafhankelijk gecertificeerd bureau of de locatie weer vrijgegeven mag worden.

Bewoners worden dringend verzocht medewerking te verlenen aan het saneren van de voor- en achtertuinen en de daken van de woningen (buitenzijde woningen). Dit is ook mogelijk omdat op deze gebieden een noodverordening van toepassing is.

De gemeente heeft aan bewoners die dicht tegen de brandhaard aan wonen, aangeboden een indicatief asbestonderzoek uit te voeren ín hun woning. Afhankelijk van de uitslag van dit onderzoek dienen de bewoners in overleg te treden met hun verzekeringsmaatschappij over de te nemen vervolgstappen.

Mensen die niet wonen op een van de genoemde adressen, maar wel een onderzoek in hun woning willen laten uitvoeren, dienen contact op te nemen met hun eigen verzekeringsmaatschappij.

Vraag 13

Kan het college aangeven wat te gaan doen aan het voorkomen van dit soort branden, is het college voornemens een plan van aanpak op te stellen om in elk geval te gaan inventariseren welke panden in Westland dusdanig achterstallig onderhoud hebben en gevaar vormen voor onze gemeente?

Antwoord 13

sinds 1 juli 1993 is er een totaalverbod op de toepassing van asbest in panden. Dat betekent dat alles wat is gebouwd voor 1 juli 1993 asbest kan bevatten.

Vanaf 2024 komt er een verbod op asbestdaken. Particulieren, en bedrijven en (overheids-) instellingen mogen die dan niet meer bezitten. In 2024 is het 30 jaar na de inwerkingtreding van het verbod van asbest. In dat jaar is een dak oud en aan vervanging toe en ligt vervanging in de rede. Voor wat betreft uw opmerking over vermeend achterstallig onderhoud geldt dat de gemeente een wettelijke taak heeft om toezicht te houden op de kwaliteit van de bestaande bouw. Als wij achterstallig onderhoud constateren en er bijvoorbeeld (in)direct gevaar kan dreigen voor de gebruikers of omwonenden, kunnen wij handhavend optreden.

Wij gaan ervan uit uw vragen met deze brief te hebben beantwoord.

Burgemeester en wethouders van Westland,

de secretaris,                       de burgemeester,

M. van Beek

J. van der Tak

 ---------------------------

Progressief Westland heeft aan het College eveneens vragen gesteld met betrekking tot de asbestbrand in Wateringen

Ingevolge het bepaalde in artikel 26 van uw "Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad van de gemeente Westland 2013", beantwoorden zij deze vragen als volgt:

Vraag 1

Kent het college het voornemen van de staatssecretaris ten aanzien van het verbod van asbesthoudende daken in 2024?

Antwoord 1

Ja, ons is bekend dat er per 2024 een saneringsplicht komt voor daken. De saneringsplicht geldt niet voor asbest in een pand.

Vraag 2

Trouw noemt in het artikel de combinatie van asbestverwijdering en duurzame maatregelen, die samen de saneringskosten kan drukken. Wat is het beleid ten aanzien van de sanering van asbestdaken in Westland? Wat doet het college om deze combinatie te stimuleren?

Antwoord 2

Het saneren is thans primair een eigen verantwoordelijkheid van bedrijven/ondernemers en overheid indien deze eigenaar is van het pand. Wij constateren ook dat deze verantwoordelijkheid wordt opgepakt. Zo zijn er voorbeelden bekend van grote organisaties die jaren geleden fasegewijs zijn begonnen met het saneren van asbest in hun panden.

Een aansprekend voorbeeld is Flora Holland in Honselersdijk. In de oudere gebouwen, tussen de Dijkweg en Middel Broekweg, zijn jaren geleden (voor 2000) saneringen uitgevoerd en hier gaat men nog steeds mee door.

Ook in de verzekeringsbranche is een beweging gaande om klanten te stimuleren asbest te saneren.

Vraag 3

Is het college op de hoogte van de subsidieregelingen waarover Trouw bericht en de ondersteuning die de provincie Overijssel en de gemeente Rijssen-Holten bieden?

Antwoord 3

Ja, wij zijn hiermee bekend. Vanzelfsprekend behoort het tot de mogelijkheden om subsidieregelingen te onderzoeken. Dit kan op een manier waarbij in een verdienmodel wordt voorzien, zodat de kosten voor sanering lager uitvallen. Denk bijvoorbeeld aan de combinatie van het saneren van asbestdaken en het daarvoor terugplaatsen van een dak met zonnepanelen. Meer informatie daarover is te vinden op http://www.asbestvanhetdak.nl/. Dit betreft een stimuleringsregeling. De doelgroepen zijn overigens louter agrariërs. Voor de afgebrande hal in Wateringen had deze regeling in de huidige vorm geen soelaas kunnen bieden. 

Vraag 4

Welke provinciale en gemeentelijke subsidieregelingen en andere financiële prikkels zijn er voor de sanering van asbestdaken en het stimuleren van duurzame daken?

Antwoord 4

Gemeentelijke subsidie is er niet. De provincie kent een regeling voor landbouwbedrijven. Deze is te vinden via: http://www.zuid-holland.nl/loket/subsidies?ActLbl=asbest-eraf&ActItmIdt=8184. Dit betreft een uitwerking van de stimuleringsregeling “Asbest eraf, zonnepanelen erop”. Overigens is die subsidie vrij beperkt qua financiële aantrekkelijkheid. Zo wordt per m² dakoppervlak maximaal € 4,50 subsidie verleend.

Vraag 5

Is het college bereid om - in samenspraak met provincie Zuid-Holland - een met Overijssel en Holten vergelijkbare actieve, aanjagende rol te gaan vervullen? Wellicht is de ‘Best Gejat Prijs’ ook in 2016 binnen te slepen door het overnemen van dit beleid in 2015.

Antwoord 5

Wij zullen dit onderzoeken. Bij de evaluatie willen wij met een nadere eerste verkenning komen.

Al jaren ontwikkelt de regelgeving zich in een richting die de eigen verantwoordelijkheid van burgers en ondernemers vergroot. Vanaf 2024 komt er een verbod op asbestdaken. Particulieren, en bedrijven en (overheids-)instellingen mogen die dan niet meer bezitten.

2024 is 30 jaar na de inwerkingtreding van het verbod van asbest. In dat jaar is een dak oud en aan vervanging toe. Eigenaren worden daardoor niet onnodig financieel geraakt.

Overigens geven de inspecteurs Bouw- en Woningtoezicht, waarvan er drie asbestspecialist zijn, , hun rol mede inhoud door het toepassen van modern toezicht. Dit doen zij door in hun contacten  met ondernemers nu al te melden dat de regelgeving zich steeds strenger ontwikkelt en dat er vanaf 2024 een saneringsplicht geldt voor daken. 

Wij gaan ervan uit uw vragen met deze brief te hebben beantwoord.

Burgemeester en wethouders van Westland,

de secretaris,                          de burgemeester,

 

M. van Beek

J. van der Tak