Uitgebreide beantwoording College in kwestie camping Molenslag

College Westland

Monster 28.03.2014 - De fractie CDA Westland heeft het College vragen gesteld over Natuur gerelateerde besluiten versus (natuur)ontwikkelingen...

("Voortbestaan camping Molenslag zou verdere ontwikkeling Haven van Rotterdam tegengaan?!").

Voordat wij tot beantwoording van de vragen over gaan willen wij reageren op een passage in de brief van de fractie CDA Westland. Aangegeven wordt dat men duidelijk kan constateren dat omstandigheden bij vaststelling van het basisbesluit geheel zijn gaan afwijken van de werkelijke omstandigheden op het moment van uitvoering van de plannen uit het basisbesluit. Hierbij wordt aangeven dat men maar niet wil of durft te accepteren dat er ooit een basisbesluit is genomen onder geheel andere ruimtelijke (natuur)omstandigheden en toekomstverwachtingen dan uiteindelijk de realiteit blijkt te zijn. De omstandigheden en verwachtingen ten tijde van het basisbesluit komen wel degelijk overeen met de realiteit. Wij hebben dit al meerdere malen aan de gemeenteraad kenbaar gemaakt.

Ingevolge het bepaalde in artikel 26 van uw "Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad van de gemeente Westland 2013", beantwoorden wij deze vragen als volgt:

Vraag 1

Wanneer is het besluit gevallen dat de gronden van camping De Molenslag omgezet moesten worden naar een natuurbestemming?

Antwoord

Het omzetten van de gronden van camping De Molenslag naar natuur is in de volgende besluiten vastgelegd:

  • Reeds in 1990 bij de aanwijzing als Beschermd Natuurmonument. Daarin is aangegeven dat het gebruik als kampeerterrein ongewenst is en strijdig is met de natuurwaarden.
  • In het in 2003 afgesloten huurcontract is het tijdelijk karakter van de camping nogmaals benadrukt door de overweging “dat het kampeerterrein een groenfunctie krijgt, waardoor de seizoenscamping op termijn zal worden beëindigd”.
  • In het proces van het opstellen van het Natura 2000 beheerplan heeft het college van Burgemeester & Wethouders op 16 november 2010 besloten de huurovereenkomst, lopende tot einde seizoen 2012, niet te verlengen.
  • Op 11 oktober 2011 heeft het college van Burgemeester & Wethouders besloten de camping nog tot en met seizoen 2013 te laten exploiteren. Dit om de exploitanten nog een jaar tegemoet te komen.
  • Vervolgens is het verdwijnen van de camping en omzetting naar natuurgebied in april 2012 opgenomen in het ontwerp-beheerplan Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen;
  • In januari 2013 hebben wij en de exploitanten de huurbeëindigingsovereenkomst getekend waarin is overeen gekomen dat de huurovereenkomst met wederzijds goedvinden eindigt per 20 december 2013;
  • Kort na de zomer 2013 is het definitieve Natura 2000 beheerplan Solleveld & Kapittelduinen door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland en de ministers van Infrastructuur & Milieu en Defensie vastgesteld.

Vraag 2

Wat waren de criteria toen?

Antwoord

De kampeerfunctie is strijdig en niet verenigbaar met de natuurontwikkelingen aldaar.

Vraag 3

Was er toen al iets bekend van huidige ruimtelijke omstandigheden zoals kustverbreding en andere uitbreiding van natuur in o.a. Westland en zo ja, hebben die toen ook een rol gespeeld in de afwegingen?

Antwoord

Ja, dit was toen al bekend. Dit is al in 2013 met de gemeenteraad gedeeld in de beantwoording van de raadsvragen met betrekking tot camping Molenslag (documentnr. 13-0084493, datum 19-07-2013, onder punt 2.1, bullit 2).

Vraag 4

Wanneer is het besluit gevallen en onder welke voor Westland relevante voorwaarde(n) mocht de Haven van Rotterdam uitgebreid worden met een Tweede Maasvlakte?

Antwoord

In 2008 is het bestemmingsplan voor de Tweede Maasvlakte goedgekeurd en is een vergunning op grond van de Natuurbeschermingswet verleend. Aan de Nb-vergunning is het voorschrift verbonden dat de aantasting van de beschermde natuurlijke kenmerken in de gebieden Solleveld en Kapittelduinen als gevolg van het toekomstige gebruik van de Tweede Maasvlakte tijdig moet worden gecompenseerd.

Dat is overigens niet van belang in relatie tot de besluitvorming omtrent de locatie Molenslag. De realisatie van kalkarm grijs duin op de locatie Molenslag heeft maar deels te maken met de aanleg van de Tweede Maasvlakte. De omzetting van het terrein naar natuur is onderdeel van het maatregelenpakket in het kader van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). De PAS zorgt voor economische ontwikkelruimte voor onder andere industrie, landbouw en verkeer. Hierbij gaat het dus niet alleen om de haven, maar ook om ons eigen glastuinbouwgebied, onze bedrijventerreinen en infrastructurele projecten.

 

Vraag 5

Wat waren de criteria toen?

Antwoord

De aanleg van de Tweede Maasvlakte mocht (onder meer) geen (nadelige) effecten hebben op het natuurschoon en de natuurwetenschappelijke betekenis van de beschermde natuurmonumenten Solleveld en Kapittelduinen.

Vraag 6

Was er toen al iets bekend van huidige ruimtelijke omstandigheden zoals kustverbreding en andere uitbreiding van natuur in o.a. Westland en zo ja, hebben die toen een rol gespeeld in de afwegingen?

Antwoord

De plannen voor de kustversterking waren toen al in een vergevorderd stadium, maar hebben bij de besluitvorming over de aanleg van de Tweede Maasvlakte geen rol gespeeld. Het Spanjaardsduin is als compensatie aangelegd ten behoeve van de realisatie van de Tweede Maasvlakte.

Vraag 7

Is het op grond van de door u te geven antwoorden terecht dat de PZH constateert dat de Haven van Rotterdam in de problemen gaat komen als 3,5 ha campinggrond niet wordt omgezet naar natuur?

Antwoord

De provincie heeft aangegeven dat het belangrijk is dat de Natura 2000 doelen die gevoelig zijn voor stikstof op een robuuste wijze gerealiseerd worden. De herinrichting van het terrein bij Molenslag is één van de afgesproken maatregelen (onderdeel van de Programmatische Aanpak Stikstof). Deze afspraken zijn onder andere met de Haven van Rotterdam gemaakt. De provincie constateert terecht dat uitstel ertoe leidt dat verplichtingen niet na worden gekomen. Dit kan gevolgen hebben voor plannen en projecten in het havengebied.

Vraag 8

Er wordt steeds meer twijfel geuit, ook vanuit natuurorganisaties, of de oorspronkelijke doelstelling om de campinglocatie om te zetten naar kalkarm grijsduin nog gehaald kan worden. De kustverbreding (verder van de onmiddellijke invloed van de zee vandaan) en aanleg zandmotor (zandverstuivingen worden geacht hier vandaan te komen waardoor juist kalkrijk duinzand verspreid zal worden) zijn de genoemde (hoofd)redenen. Kunt u reëel aangeven of de doelstelling “Uitbreiding kalkarm grijsduin” op deze locatie nog gehaald kan worden en zo ja, in welk jaar wordt dan in een resultaat c.q. eindresultaat voorzien?

Antwoord

Die twijfel hebben wij, ook vanuit natuurorganisaties, niet gehoord.

De doelstelling kan op deze locatie gehaald worden. Dit is al in 2013 met de gemeenteraad gedeeld in de beantwoording van de raadsvragen met betrekking tot camping De Molenslag (documentnr. 13-0084493, datum 19-07-2013, onder punt 2.1, bullit 6). Toen is aangegeven dat het kalkarme grijs duin een duintype is dat een bepaalde mate aan verwaaiend zand en saltspray nodig heeft.

Dit blijft ook in de nieuwe situatie het geval. Hierop wordt het volgende aangevuld: na het afvoeren van de laag teelaarde komt de oorspronkelijke duingrond aan de oppervlakte. Na herinrichting van het gebied en het instellen van natuurbeheer wordt hier een kwaliteitsverbetering van kalkarm grijs duin gerealiseerd. Vanwege de aansluiting op het kalkarme grijze duin van Solleveld is de uitgangssituatie gunstig om kalkarm grijs duin van goede kwaliteit te realiseren.

Vraag 9

Zo ja, in welk jaar wordt dan in een resultaat c.q. eindresultaat voorzien?

Antwoord

Direct na herinrichting is kalkarm grijs duin aanwezig. Het is een kwestie van beheer en natuurlijke ontwikkeling van vegetatie totdat er kalkarm grijs duin van goede kwaliteit is (ca. 8 a 20 jaar). Er is, net als bij nagenoeg iedere natuurlijke ontwikkeling, niet aan te geven in welk jaar hierin precies wordt voorzien, maar kalkarm grijs duin heeft circa 8 tot 20 jaar nodig om te ontwikkelen tot een goede kwaliteit. 

 

Vraag 10

Als het bedachte eindresultaat nog gehaald kan worden, is het dan absoluut noodzakelijk om hiermee dit jaar al te beginnen of zou het technisch nog mogelijk zijn een paar jaar te wachten om een overgangstermijn voor de camping mogelijk te maken?

Antwoord

Technisch is dit inderdaad mogelijk. In alle besluiten, afspraken en overeenkomsten is echter vastgelegd dat de herontwikkeling van het terrein in 2014 plaats vindt. Juridisch is het dan ook niet meer mogelijk om uit te stellen

Vraag 11

In 2011 is bij de definitieve vaststelling van het Natura 2000 gebied Solleveld nog eens 7,5 ha grond toegevoegd. Het betreft vooral de locatie rond de Slapersdijk aansluitend bij het eerder benoemde gebied. Dit om redenen dat deze ook een kalkarme grijsduin ondergrond heeft. Waren de gevolgen van deze toevoeging voldoende bekend?

Antwoord

Ja.

Vraag 12

Waarom moest de Raad van State er bijvoorbeeld aan te pas komen om een omzetting van het bestemmingsplan kust te bewerkstelligen?

Antwoord

Ten onrechte wordt hier een verband gesuggereerd tussen de behandeling van het Bestemmingsplan Kust bij de Raad van State en de Slaperdijk. De behandeling bij de Raad van State van het Bestemmingsplan Kust had niets te maken met de bestemming van de Slaperdijk. De Slaperdijk is namelijk geen onderdeel van dit bestemmingsplan. De behandeling bij de Raad van State ging, ten aanzien van de bestemming Natuur, om het in detail correct intekenen van de bestemming en over het fietspad F370.

Vraag 13

Had dit gebied achteraf ook niet gebruikt kunnen worden om de doelstelling van uitbreiding kalkarm grijs te halen?

Antwoord

Nee. Op de Slaperdijk is, met uitzondering van het eerste gedeelte aan de kant van Monster, al goed ontwikkeld kalkarm grijs duin aanwezig. Het eerste gedeelte is iets minder goed ontwikkeld door de uitwerpselen van honden in deze vrije uitlaat zone. Op aandringen van Westland kon deze vrije uitlaat zone behouden blijven.

Vraag 14

Was deze ondergrond bekend in de alternatieven voor de locatie van de camping?

Antwoord

Ja. De Slaperdijk is al bij de definitieve aanwijzing van het Natura 2000 gebied Solleveld & Kapittelduinen op 27 september 2011 toegevoegd omdat het onderdeel uitmaakt van het duingebied en wegens de aanwezigheid van grijze duinen.

Vraag 15

In 2009 en 2010 heeft een onderzoek door DHV plaats gevonden voor ruimtedruk in Monster met als insteek het benoemen van de (on)mogelijkheden van een kustcamping in Monster en het al dan niet kunnen handhaven op de huidige locatie. Kustuitbreiding (natuuruitbreiding) en uitbreiding Natura 2000 gebied met 7.5 ha worden daarin niet benoemd, terwijl dat wel wezenlijke invloed zou moeten hebben op de besluitvorming. Kunt  u aangeven of deze zaken wel/niet meegewogen zijn?

Antwoord

Nee, deze zijn niet meegewogen in de besluitvorming en zijn ook niet van invloed op de besluitvorming geweest. In de kustuitbreiding kan de opgave voor kalkarm grijs duin niet gerealiseerd worden. Kalkarm grijs duin is een oud type duin en daarvoor zijn de nieuwe witte duinen niet geschikt. De Slaperdijk is ook niet meegenomen omdat daar al kalkarm grijs duin aanwezig is.

Vraag 16

Zo nee, waren die dan nog niet bij u en de Raad van Westland bekend? Zo ja, waarom niet vermeld als alternatief?

Antwoord

Zie beantwoording vraag 15.

Vraag 17

Waarom wordt in het beheerplan voor Solleveld, dat in 2013 is vastgesteld, niet de op dat moment geldende contouren van Natura 2000 met de kustuitbreiding afgebeeld en benoemd?

Antwoord

De begrenzing van het Natura 2000 gebied is vastgelegd in het Aanwijzingsbesluit en niet in het beheerplan. In het Aanwijzingsbesluit is vastgelegd dat de westgrens langs het strand wordt gevormd door de voet van de duinen, waardoor de duinverbreding automatisch verbreding van het Natura 2000 gebied inhoudt. Ook is vastgelegd dat de Zandmotor als tijdelijke kustuitbreiding geen deel uit maakt van het Natura 2000 gebied.

Vraag 18

Waarom niet een aparte beschrijving hoe de nieuwe natuur moet worden ingepast?

Antwoord

Zie beantwoording vraag 15.

Vraag 19

Is dat bijvoorbeeld gedaan om hoe dan ook de campinglocatie om te kunnen zetten naar natuur terwijl men wist dat er al genoeg compensatie aanwezig zou zijn?

Antwoord

Nee. Zie beantwoording vraag 3, 13 en 15.

Vraag 20

In uw schrijven over de afhandeling van de moties en familiecamping geeft u aan dat PZH op de beoogde locaties Haagweg - Watergat en Haagweg - Westlandse Zoom een groen/recreatieve invulling wilt geven. Het Watergat grenst ook aan het Natura 2000 gebied. Sinds wanneer was deze invulling bekend?

Antwoord

In het in 2003 vastgestelde streekplan Zuid-Holland West heeft de provincie dit gebied al aangemerkt als “openluchtrecreatiegebied of stedelijk groen”

Vraag 21

Was deze extra natuurwens te gebruiken als alternatief voor andere plannen, ofwel zou deze 3,5 ha grond, technisch beoordeeld, ook gewisseld kunnen worden met de campinglocatie (camping blijft camping en beoogd groene invulling wordt natuur conform te behalen doelstelling)?

Antwoord

Nee. Op 1 december 2010 is in de raadsbrief ‘Toekomst camping en parkeerterrein Molenslag in relatie tot Natura 2000’ (documentnr. 10-0078552) al aangegeven dat de enige ecologisch geschikte locaties het parkeerterrein en camping De Molenslag zijn.

Vraag 22

Zo ja, zou dat niet veel goedkoper kunnen uitvallen?

Antwoord

Nee, ook al zou het kunnen, dan valt dat niet goedkoper uit, want die grond zou dan niet meer kunnen worden verkocht voor een recreatieve functie.

Vraag 23

Kunt u op grond van alle gegeven antwoorden van de vragen 1 t/m 7 een eindconclusie geven of het terecht is dat u, PZH en andere overheden blijven vasthouden aan de conclusie dat het niet mogelijk is om, al dan niet nog tijdelijk, de camping op de locatie Molenslag te kunnen vergunnen?

Antwoord

Onze conclusie is dat het door diverse overheden vastgestelde beleid en de met diverse partijen afgesloten overeenkomsten niet toestaan om een camping op de locatie Molenslag al dan niet tijdelijk te vergunnen.

Vraag 24

Zijn de genomen besluiten reëel gezien niet toe aan een aanpassing?

Antwoord

Nee.

Vraag 25

Op 9 februari 2012 hebt u de beantwoording verzonden op vragen  van CDA Westland om meer toegankelijkheid te verkrijgen in onze duinen bij Solleveld. Wij hebben de vergelijking gemaakt dat er veel verschil is in toegankelijkheid en beleving in Westduinpark t.o.v. onze duinen. U antwoordde daar zeer terughoudend op vooral omdat u dacht dat de toegankelijkheid in Westduinpark niet vergroot zou worden.

De huidige situatie is geheel anders dan beantwoord (zie ook bijgaande foto). Weinig of geen prikkeldraad is meer aanwezig, en er zijn veel meer vrij te bewandelen onverharde paden en terreinen dan voorheen. Het resultaat is overweldigend en wordt ook door veel meer mensen ervaren dan voorheen. Zuid-Hollands landschap heeft vorige week in een brief naar de leden laten weten dat dit nu ook met de Van Dixhoorndriehoek in Hoek van Holland gaat gebeuren (zie bijlage). Wanneer en onder welke omstandigheden kan deze grotere toegankelijkheid ook in onze duinen (lees Solleveld) bereikt worden?

Antwoord

Het is onjuist dat de huidige situatie geheel anders is dan beantwoord. De huidige situatie is juist conform onze beantwoording. In onze beantwoording van 9 februari 2012 (documentnr. 12-0003670) is aangegeven dat hekwerk zou worden verwijderd en deels nieuw teruggeplaatst zou worden ten behoeve van begrazing. De verharde paden zouden worden vervangen door onverharde paden.

Ten onrechte wordt gesuggereerd dat er veel verschil is in de toegankelijkheid in Westduinpark ten opzichte van onze duinen. Zoals bekend is de volledige Slaperdijk Natura 2000 gebied en volledig vrij toegankelijk, zelfs met honden. Een groot deel van het duingebied Solleveld is daarnaast voor 2.400 pashouders toegankelijk. Ook het fietspad F370 biedt voor zowel fietsers als wandelaars de mogelijkheid om van het duingebied te genieten. Ook de Zandmotor biedt veel recreatieve mogelijkheden. Daarnaast is ook het Staelduinse Bos als onderdeel van het vroegere duingebied toegankelijk op wegen en paden. Het Staelduinse Bos is tevens onderdeel van het Natura 2000 gebied Solleveld & Kapittelduinen.

Waar mogelijk proberen we de toegankelijkheid en beleving verder te vergroten, zoals bij het nieuw te realiseren wandelpad van parkeerterrein Molenslag naar de strandopgang bij Ter Heijde. Net zoals in het Westduinpark zullen ook op het terrein van de voormalige camping De Molenslag onverharde paden worden aangelegd.

Er zitten echter grenzen aan openstelling van kwetsbare natuurterreinen. Het is niet wenselijk om het gehele duingebied open te stellen. Dit om kwetsbare duingronden met de bijbehorende kwetsbare en minder kwetsbare flora en fauna te beschermen en te behouden voor toekomstige generaties.

Wij zien echter wel een klein verschil met betrekking tot openstelling tussen onze duinen en de duinen in het Westduinpark en de Van Dixhoorndriehoek. Het duingebied Solleveld en Kapittelduinen is zowel om kustverdedigingsredenen als door de grootschalige aanwezigheid van kwetsbare habitattypen (waaronder grijze duinen) kwetsbaarder dan deze omliggende gebieden waar sprake is van een veel groter achterland en een minder belangrijke functie in de kustverdediging. Echter, gezien deze kleine verschillen is het verschil in openstelling relatief klein.

Vraag 26

Waarom wordt er toch zo’n groot verschil gemaakt in natuurbenadering van alles wat met Solleveld te maken heeft t.o.v. andere en aanliggende Natura 2000 gebieden?

Antwoord

Zie beantwoording vraag 25.

Vraag 27

Waarom moet bij de aanleg van het nieuwe wandelpad langs Monster en Ter Heijde door de nieuwe duinen het nu functionerende wandelpad “Lijnbaan” verwijderd worden als compensatie van “natuurverlies” voor het aan te leggen pad (dit in relatie met vorige vraag en de mogelijkheden die straks in de Van Dixhoorndriehoek mogelijk zijn)?

Antwoord

Een deel van het nieuwe tracé gaat ten koste van kalkrijke grijze duinen. Voor kalkrijke grijze duinen geldt een doelstelling voor behoud van oppervlakte en verbetering van kwaliteit. Om aan deze doelstelling te voldoen moet het kalkrijke grijze duin wat verloren gaat, gecompenseerd worden. Deze compensatie is gevonden in het verwijderen van een deel van de Lijnbaan. Hierdoor is geen sprake van negatieve invloeden op de instandhoudingsdoelstelling. Dit is van doorslaggevend belang voor het verkregen van de Natuurbeschermingswetvergunning voor realisatie van dit wandelpad.

Functioneel gaat er weinig verloren met het verwijderen van een deel van de Lijnbaan. Wandelaars kunnen straks via het parkeerterrein Molenslag over het nieuwe wandelpad of via het fietspad F370.

Vraag 28

Is met de aangehaalde brief van Zuid-Hollands Landschap in de hand (“wandelaars hoeven niet meer over het fietspad te wandelen”) het nieuwe fietspad door de duinen nu ook niet te voorzien van gescheiden wandelpaden conform het besluit van een eerder aangenomen motie? Het huidige nieuwe fietspad is namelijk zodanig druk en er rijden ook te regelmatig auto’s snel overheen dan een gescheiden wandelpad om veiligheidsredenen meer dan noodzakelijk is.

Antwoord

Zie beantwoording vraag 25.

Vraag 29

Is er al iets bekend op de laatste vraag uit genoemde artikel 26 vragen van vraag 9  m.b.t. nu ontbrekende parkeermogelijkheden nabij het Schelpenpad om een parkeerplaats aan de Haagweg aan te leggen? U zou ons hier nog nader over informeren zodra er onderzoeken hebben plaats gevonden.

Antwoord

Dat is onderzocht en medio 2012 bent u schriftelijk geïnformeerd dat wij geen mogelijkheden zien om langs de Haagweg nabij het Schelpenpad een parkeerterrein aan te leggen (documentnr. 12-0033015)

Wij gaan er vanuit uw vragen met deze brief te hebben beantwoord

Burgemeester en wethouders van Westland,

de secretaris,                       de burgemeester,

M. van Beek

J. van der Tak