Jan de trucker; wanneer stopt het eindelijk?

door R.A. de Jong

Westlanden 04.03.2016 - Jan is al meer dan 35 jaar vrachtwagenchauffeur op de internationale routes. Inmiddels is hij 56 jaar.

Tien jaar lang al staat zijn leven in het teken van angst. De dag dat hij met zijn truck door het drukke verkeer manoeuvreerde en hij bijna op de plaats van bestemming aankwam. Die dag ging het gruwelijk mis. Ondanks zijn voorzichtige rijstijl, zijn honderdduizenden kilometers ervaring en alle mogelijke veiligheidsmiddelen zoals spiegels rondom, camera’s buiten de auto en stickers op de truck die waarschuwen voor de dode hoek.

Jan heeft al drie keer gekeken voordat hij de bocht instuurt. De weg is vrij. Terwijl hij optrekt lijkt er een lichte trilling in zijn stuur voelbaar. Hij ziet mensen met hun armen zwaaien, ze dwingen hem tot stoppen. Jan stampt in een reflex op de rem en vliegt de cabine uit. Zijn ergste angst wordt na tientallen jaren werkelijkheid. Een klein kind ligt onder zijn truck. Geen enkele beweging, alleen bloed….veel bloed.

Een vrouw staat er gillend bij. Ze zit totaal buiten zinnen, half onder de truck, naast haar kind en spreekt hem toe. Omstanders die proberen om het kindje onder de truck vandaan te trekken en hem te reanimeren. Jan staat erbij en kan alleen maar toekijken. Hij ziet de hulpeloosheid van de moeder, het angstige kijken van de omstanders. Hij merkt dat zijn eigen blik telkens weer naar het drama getrokken wordt. Niemand die hem aanspreekt of weghaalt van die confronterende aanblik. (foto archief)

De aanwezige hulpverleners formeren een ring om het kind heen. Portofoonverkeer klinkt van alle kanten, een helikopter hangt boven de plaats van het ongeval en zorgt dat alle ogen zich even verplaatsen naar de plaats boven het ongeval. Het vijf minuten eerder gearriveerde ambulancepersoneel neemt de reanimatie van de omstanders over, agenten houden het publiek op afstand. De brandweer plaatst schermen om het slachtoffer heen.

Voor de grote horde belangstellenden wordt er ineens een stuk minder zichtbaar van het gruwelijke tafereel. Wat is dat toch met de medemens? Wat bezielt ze om massaal te kijken naar de ellende van een ander? Realiseren ze zich geen moment dat het ook hun kind had kunnen zijn die daar nu onder die truck ligt? Kinderen die op de schouders getild worden, zodat ze geen enkel fragment van de hulpverlening hoeven te missen. Met wat geluk kunnen ze zelfs nog een glimp opvangen van het slachtoffer en er op een later tijdstip wat over vertellen. Iedereen is zo op zijn eigen manier druk bezig met het slachtoffer.

Jan, het potentiële slachtoffer, moet wachten tot er iemand is die tijd voor hem vrij kan maken. Hij had er alles voor over gehad om er niet bij te hoeven zijn.Misschien dat het bureau slachtofferhulp wordt ingeschakeld of een andere instantie. Vaag hoort hij de opmerkingen van de aanwezige toeschouwers. Ook al dringt het niet echt tot Jan door wat ze zeggen, er klinken veel negatieve geluiden uit het publiek.

Ook onbewust zullen deze woorden in Jan zijn geheugen opgeslagen worden samen met de beelden en geluiden die hij hoort. Jan zal de rest van zijn leven elk moment van de dag deze details (ongemerkt) toelaten in zijn gedachten. De vraag is of Jan dit tragische ongeval een plek zal kunnen geven. Hij heeft een kind doodgereden. Er is geen sprake van opzet of grove nalatigheid. Met de insteek dat het domme pech is en dat Jan er natuurlijk niets aan kon doen, wordt het schuldgevoel bij Jan echter (helaas) niet naar de achtergrond verdrongen. Ook hij zal, net als de nabestaanden, dagelijks geconfronteerd worden met dit leed.

Jan probeert al jaren om te gaan met deze gevoelens en er zijn weinig mensen die in de gaten hebben hoe Jan in de loop van de jaren verandert en hoe hij hier psychisch aan onder doorgaat.

Totdat Jan na zoveel jaar opnieuw geconfronteerd wordt met een zeer schokkende gebeurtenis:

Zijn verhaal vertelt hij hier