Honderd miljoen voor aanpak files

Rijksoverheid

Westlanden 09.12.2017 - Minister Van Nieuwenhuizen en staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat gaan fors investeren in wegen,

spoorwegen en vaarwegen om de groei van het verkeer op te vangen. Minister Van Nieuwenhuizen trekt ruim 700 miljoen euro extra uit voor de aanpak van huidige en toekomstige knelpunten, zoals de A2 tussen Deil en Den Bosch en de A1 bij Barneveld. Staatssecretaris Van Veldhoven investeert onder meer 150 euro miljoen in extra ‘opstelplekken’ voor treinen. Die zijn nodig nu er meer en langere treinen bijkomen op het Nederlandse spoor. Voor de reiziger is het belangrijk dat er voldoende opstelplekken zijn, omdat dit ervoor zorgt dat alle treinen elke dag weer volgens dienstregeling kunnen rijden. In 2018 worden besluiten genomen over de gezamenlijke aanpak van verschillende knelpunten, zoals Schiphol.

De minister en staatssecretaris hebben de Tweede Kamer vandaag geïnformeerd over de uitkomsten van de gesprekken met de regio’s over het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT). Met het regeerakkoord komt er extra geld beschikbaar voor infrastructuur; 2 miljard incidenteel en daarnaast 100 miljoen extra op jaarbasis. Het extra geld maakt het mogelijk om deze kabinetsperiode nieuwe projecten te starten en lopende projecten te versnellen.

Wegen

Tot 2030 komt er in Nederland in totaal 1000 km aan rijstroken bij. Rijkswaterstaat werkt nu aan de verbreding van wegen tussen Schiphol, Amsterdam en Almere. De komende jaren starten de werkzaamheden voor grote nieuwe wegverbindingen die de druk van het wegennet moeten gaan afhalen, zoals de aanleg van de nieuwe snelweg A16, de verlengde A15 in Gelderland en de verbreding van de A27 bij Utrecht.

Om de groei van het verkeer ook op termijn in goede banen te leiden heeft minister Van Nieuwenhuizen nu besloten extra geld te bestemmen voor nieuwe projecten. Naast de aanpak van knelpunten op de A2 tussen Deil en Den Bosch en de A1 bij Barneveld, gaat het om de A58 tussen Tilburg en Breda en de A15 tussen Papendrecht en Gorinchem. De regio’s dragen zelf ook bij aan deze projecten. 

Volgend voorjaar willen de minister en staatssecretaris met de regio’s Rotterdam/DenHaag en Amsterdam concrete afspraken maken voor de verbetering van de bereikbaarheid in deze stedelijke gebieden. Voor de verbetering van de doorstroming van de Rijkswegen is per regio al 200 miljoen euro apart gezet. Voor de regio Utrecht komt er ook een programma, waarin bij nieuwe maatregelen de nadruk zal liggen op het openbaar vervoer. 

Korte termijn

De minister trekt 100 miljoen euro extra uit voor maatregelen om op korte termijn de files op hele drukke wegen te verminderen. Een onderdeel hiervan is een speciale file-aanpak van Rijkswaterstaat waarbij nog deze kabinetsperiode spitsstroken eerder worden opengezet en kleine wegaanpassingen zorgen voor een vlottere doorstroming. Daarnaast neemt Rijkswaterstaat maatregelen om sneller de weg vrij te maken na een ongeluk.

Van Nieuwenhuizen heeft in de gesprekken afspraken gemaakt voor verbetering van de verkeersveiligheid op de N59 op Goeree Overflakkee en de N35 bij Raalte. Voor verdere verbetering van de verkeersveiligheid op N-wegen trekt ze 50 miljoen euro extra uit. Hierover volgen nog afspraken met de provincies.      

Goederenvervoer

De minister en de staatssecretaris hebben zich samen met de regio en de logistieke sector uitgesproken voor een gezamenlijk aanpak voor het goederenvervoer over weg, water en spoor. Dit vervoer moet slimmer en duurzamer worden, met zo veel mogelijk inzet van nieuwe, innovatieve technieken. De wegverbreding van de A15 in Zuid-Holland maakt hier onderdeel van uit. Op de  transportroutes van de haven Rotterdam naar het achterland wordt gekeken naar de inrichting van extra beveiligde parkeerplaatsen voor vrachtwagens.

Spoor

150 miljoen voor opstelterreinen treinen

Een groeiend aantal mensen reist per trein. Daardoor rijden steeds meer en langere treinen op het Nederlandse spoor en dreigt in vooral stedelijke gebieden een tekort aan zogeheten opstelterreinen. Deze terreinen zijn niet alleen nodig voor het parkeren van treinen, maar ook voor het schoonmaken en uitvoeren van klein onderhoud. Om ervoor te zorgen dat treinen ook in de toekomst ingezet kunnen worden waar ze nodig zijn, is extra ruimte voor het opstellen van treinen nodig. Daarom investeert staatssecretaris Van Veldhoven 150 miljoen in opstelterreinen.

Innovatie

Om het spoorvervoer verder te verduurzamen en op een slimme manier in te spelen op de groei van het aantal reizigers, trekt Van Veldhoven 25 miljoen uit voor innovaties. Er wordt bijvoorbeeld bijgedragen aan een proef met een waterstoftrein in Noord-Nederland. Ook wordt ervaring opgedaan met een eventuele omschakeling op het spoor naar een hogere spanning op de bovenleidingen. Hierdoor kunnen treinen sneller optrekken, waardoor het spoor intensiever benut kan worden. In dunnerbevolkte gebieden wordt de komende jaren geëxperimenteerd met nieuwe, vraaggestuurde openbaar vervoersdiensten (‘mobility as a service’). Zo heeft Zeeland aangegeven in hun grensregio mee te willen doen aan deze testen. Met de grote steden, die juist te maken hebben met een snelle groei van hun bevolking, wordt bekeken hoe het openbaar vervoer hier slimmer op aan kan sluiten.

Spoor Delft-Rotterdam

Tussen Delft en Rotterdam worden plannen voor aanpassing van het spoor verder uitgewerkt. Dit moet de betrouwbaarheid van de dienstregeling op dit zeer drukke stuk spoor vergroten en zorgen dat Station Schiedam Centrum goed aangesloten blijft op het hoofdspoor en het regionale openbaar vervoer. Met de afspraak over co-financiering van in totaal 40 miljoen euro tussen het Rijk en de regio kan een volgende stap worden gezet in het realiseren van dit plan waarmee intercity’s ook in de toekomst op Schiedam Centrum kunnen blijven stoppen.