Statushouders in Nederland sneller aan het werk

Rijksoverheid

Westlanden 03.07.2018 - Het inburgeringsbeleid gaat drastisch op de schop. Het doel is dat nieuwkomers meteen aan het werk gaan en ondertussen de taal leren.

Gemeenten gaan voor alle inburgeraars een individueel inburgeringsplan maken. Ook wordt het leenstelsel afgeschaft waarmee nieuwkomers nu nog hun inburgeringscursus inkopen. Dat schrijft minister Koolmees vandaag in een brief aan de Tweede Kamer over zijn plannen voor een nieuw inburgeringsstelsel.

In de plannen van de minister wordt de werkwijze rond inburgeringscurssen anders dan nu. Gemeenten gaan de lessen inkopen. Daarvoor gebruiken zij het geld dat nu nog als lening aan de inburgeraars zelf wordt uitgekeerd. Nieuwkomers krijgen vervolgens, als onderdeel van hun persoonlijke Plan Inburgering en Participatie (PIP), van de gemeente een aanbod voor een inburgeringstraject. Zo worden misstanden en fraude bij aanbieders zoveel mogelijk voorkomen. Het blijft de verantwoordelijkheid van nieuwkomers om binnen de termijn van drie jaar te voldoen aan de inburgeringsplicht en dus examen te doen.

Collegevragen inzake vakantievierende asielzoekers

Koolmees wil dat statushouders vanaf het eerste moment aan de slag gaan met hun inburgering. Gemeenten gaan hen daarbij activeren en begeleiden. Dat betekent dat gemeenten in de eerste periode voor statushouders zaken als huur en kosten voor verzekeringen vanuit de bijstand gaan betalen. De duur van deze ondersteuning verschilt per individu en wordt vastgelegd in het PIP. Tegenover deze extra begeleiding staat dat inburgeraars die zich onvoldoende inzetten, vaker en sneller dan in het huidige stelsel te maken krijgen met sancties, zoals een boete.

In het nieuwe inburgeringsstelsel worden hogere taaleisen gesteld aan inburgeraars. Momenteel is het vereiste niveau A2. Dat wordt B1 omdat dit de kans op een baan vergroot. Niet alle nieuwkomers zullen dit niveau kunnen halen. In het PIP wordt daarom een leerniveau en leerroute vastgelegd. Ook voor nieuwkomers die een minder hoog taalniveau halen, is alles erop gericht dat ze zo snel mogelijk zelfredzaam worden. Werk is daarbij het sleutelwoord.

De bedoeling is dat het nieuwe inburgeringsstelsel in 2020 van start gaat. De minister ontwikkelde de afgelopen maanden zijn plannen voor het nieuwe inburgeringsstelsel in nauwe samenwerking met alle betrokken partijen. Zo werd er gesproken met zo’n 100 experts van gemeenten, Vluchtelingenwerk Nederland, wetenschappers, werkgevers en andere ministeries.

Uit evaluaties en onderzoeken is gebleken dat het huidige stelsel van inburgering te ingewikkeld en niet effectief is. Koolmees wil in het nieuwe stelsel veel aandacht voor monitoring en evaluatie. Zo kunnen waar nodig snel aanpassingen gedaan worden.