Overzicht sterfte in coronatijd tot nu toe

CBS

Westlanden 29.05.2020 - Voor week 21 (18 tot en met 24 mei) wordt het aantal overledenen geschat op 2750.

Daarmee zit de sterfte voor de tweede week op rij onder het niveau van wat normaal zou zijn in deze periode. Tijdens de eerste negen weken van de corona-epidemie in Nederland (week 11 tot en met week 19) was de sterfte hoger dan verwacht. In die weken overleden bijna 9 duizend mensen meer dan je in deze periode zou verwachten. Mensen die zorg ontvingen in het kader van de Wet langdurige zorg (Wlz), oudere mensen en mannen stierven relatief vaker dan mensen die geen zorg ontvingen, jongere mensen en vrouwen. Dat melden het CBS en het RIVM op basis van de voorlopige sterftecijfers per week.

In 2020 overleden er tot en met week 10 (tot en met 8 maart) gemiddeld 3 136 mensen per week. Daarna steeg de sterfte naar een maximum van 5 080 in week 14. Sinds week 20 zit de sterfte onder het niveau van wat normaal zou zijn in deze periode. Het is bekend dat na een periode van hogere sterfte—ook wel oversterfte genoemd—vaak een periode van lagere sterfte—ook wel ondersterfte genoemd—volgt.

De ondersterfte betekent echter niet dat er geen mensen meer overlijden aan corona. In week 21 zijn 104 overleden COVID-19-patiënten aan het RIVM gemeld (stand donderdag 28 mei 2020). Het uiteindelijke aantal kan zelfs nog hoger zijn omdat niet iedereen wordt getest op COVID-19.

In totaal overleden er bijna 36 duizend mensen in week 11 tot en met week 19, bijna 9 duizend meer dan verwacht, een oversterfte van 32 procent.

De schatting voor week 21 is gebaseerd op het aantal overlijdensberichten dat het CBS tot en met woensdag 27 mei ontvangen heeft voor week 21. Het verwachte aantal overledenen is geschat op basis van het aantal overledenen in de voorafgaande weken, gecorrigeerd voor seizoensgebonden factoren. Er zouden in week 21 naar schatting 2 807 mensen overleden zijn als er geen corona-epidemie was geweest. Sterfte onder Wlz-zorggebruikers 53 procent hoger dan normaal In week 11 tot en met week 19 overleden in totaal ruim 15 duizend mensen die langdurige zorg kregen in het kader van de Wlz. Dat zijn naar schatting ruim 5 duizend mensen (53 procent) meer dan je in deze periode zou verwachten als er geen corona-epidemie was geweest. In de overige bevolking—meer dan 17 miljoen mensen—overleden van week 11 tot en met week 19 bijna 21 duizend mensen. Dat zijn zo’n 3 500 mensen (20 procent) meer dan verwacht.

Vooral sterfte onder mannen hoger
In absolute zin overleden tijdens de corona-epidemie net iets meer mannen dan vrouwen, te weten 18,2 duizend mannen en ongeveer 17,7 duizend vrouwen. In de weken ervoor en ook in eerdere jaren, overleden juist iets meer vrouwen. Ook in relatieve zin overleden in week 11 tot en met 19 van 2020 meer mannen dan vrouwen. In deze periode was de sterfte onder mannen 37 procent hoger dan verwacht, terwijl de sterfte onder vrouwen 28 procent hoger was dan wanneer er geen corona-epidemie was geweest. In alle leeftijdsgroepen was tijdens de corona-epidemie de sterfte relatief gezien onder mannen hoger dan onder vrouwen.

Regionale spreiding
Met name in het oosten van Noord-Brabant, in Limburg en rondom Zwolle lag de sterfte tijdens de corona-epidemie relatief gezien hoger dan in andere regio’s van Nederland. In de gemeente Uden overleden in week 11 tot en met 19 in totaal 178 mensen, iets meer dan 3 keer zoveel als in de weken voor de corona-epidemie. Andere gemeenten waar het aantal overleden tijdens de corona-epidemie ten minste 2,5 keer zo hoog was als ervoor zijn Heerde, Meierijstad, Boekel, Bernheze, Peel en Maas, Zwartewaterland en Nunspeet.

Met name in het noorden van Nederland overleden er amper meer mensen dan in de periode voor de corona-epidemie. Daarnaast zijn er gemeenten waarin het aantal sterfgevallen tijdens de corona-epidemie beduidend lager was dan in de weken ervoor. In de gemeente Beemster overleden in totaal 6 mensen in week 11 tot en met 19 tegen 13 in de negen weken voorafgaand. In Pekela waren dat er 14 om 25. Ook in Hendrik-Ido-Ambacht, Aalsmeer, Westvoorne, Wijk bij Duurstede, Ouder-Amstel, Loppersum, Oegstgeest en Twenterand overleden tijdens de corona-epidemie beduidend minder mensen dan in de weken ervoor.

Hogere sterfte tijdens corona-epidemie
De hogere sterfte in week 11 tot en met week 19 valt samen met de corona-epidemie in Nederland. Op 27 februari 2020 werd de eerste positief geteste patiënt gemeld in Nederland en op 6 maart het eerste sterfgeval door het nieuwe coronavirus (COVID-19). Op 11 maart heeft de Wereldgezondheidsorganisatie de COVID-19-uitbraak tot pandemie verklaard.

Dit is voorlopig het laatste nieuwsbericht over sterfte per week. De tabel op StatLine en de tabellen bij aanvullend statistisch onderzoek worden nog wel wekelijks geüpdatet. De nieuwste cijfers kunt u onder andere vinden via de pagina Hoeveel sterfgevallen zijn er per week?.

Informatiebronnen CBS en RIVM
Het CBS krijgt dagelijks berichten over sterfte binnen uit de bevolkingsregisters van gemeenten. Het CBS heeft dan nog geen informatie over de doodsoorzaak van de overledenen. Deze informatie ontvangt het CBS via een doodsoorzakenverklaring die is ingevuld door de arts die de overledene schouwt. De publicatie van de informatie uit de doodsoorzakenverklaringen wordt regulier in het derde kwartaal van 2020 verwacht, het CBS gaat zich inspannen om dit eerder te publiceren.

Het RIVM ontvangt dagelijks meldingen van overleden COVID-19-patiënten vanuit de GGD’s. Omdat niet alle overledenen in Nederland getest zijn op COVID-19 zullen de werkelijke aantallen aan corona overleden mensen hoger zijn. Door naar het totaal aantal overledenen per week te kijken zoals gemeld aan het CBS—dus ongeacht de doodsoorzaak—ontstaat een completer beeld.

Schatting gebaseerd op tot nu toe ontvangen berichten
Gewoonlijk zit er enige tijd tussen de feitelijke overlijdensdatum en het moment waarop deze informatie het CBS bereikt. De overlijdensberichten worden iedere week op donderdag verzameld. Meestal heeft het CBS op donderdag gegevens van iets meer dan 80 procent van alle sterfgevallen van de voorgaande week. Deze informatie geeft dus een indicatie van het te verwachten totale aantal overledenen in die week.

In week 12 tot en met week 20 is op te maken dat de berichten momenteel sneller binnenkomen dan gewoonlijk (het aantal binnengekomen berichten na één week was gemiddeld 85 procent van het totaal, met uitzondering van weken met feestdagen). De schatting voor week 21 is gebaseerd op de aanname dat nu ook 85 procent is ontvangen. Dit is echter niet zeker, het werkelijk aantal overledenen in week 21 kan hoger of lager uitvallen.