Wetswijziging voor stimulans woningbouwproductie

Rijksoverheid

Westlanden 30.03.2018 - De ministerraad heeft ingestemd met het voorstel van minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om de Crisis- en Herstelwet

(Chw) te wijzigen. Overheden krijgen meer mogelijkheden om onder de vlag van deze wet projecten te realiseren en procedures te verkorten. Dit moet onder andere de woningbouwproductie stimuleren.

De Chw is sinds 2010 een succesvol instrument voor het versnellen van onder meer de woningbouwproductie. Realisatie van woningbouwprojecten wordt bijvoorbeeld door de Chw versneld omdat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen een half jaar uitspraak doet in een beroepszaak. Dat is twee keer sneller dan gemiddeld.

Ook kan voor woningbouwprojecten en projecten rond de energietransitie bij wijze van experiment worden afgeweken van wet- en regelgeving om knelpunten op te lossen. Dat dit goed werkt blijkt uit het feit dat al meer dan 125 gemeenten gebruik maken van deze mogelijkheid. Hierdoor komen vastgelopen projecten van de grond.

Uit de praktijk blijkt dat er behoefte is om deze mogelijkheden sneller in te kunnen zetten. Daarom is het wetsvoorstel gericht op vereenvoudiging en verkorting van de aanwijzigingsprocedure voor experimenten die onder de Chw mogen vallen. Hierdoor kunnen gemeenten sneller woningbouw realiseren door toepassing van instrumenten die terugkomen in de Omgevingswet die per 2021 ingaat. In de Omgevingswet gaan 26 wetten op.

Zo kunnen gemeenten met een 'bestemmingsplan met verbrede reikwijdte' sneller en flexibeler inspringen op initiatieven. Verder maakt het wetsvoorstel het voor gemeenten gemakkelijker om te werken met het zogeheten projectuitvoeringsbesluit. Dit vereenvoudigt vergunningprocedures. Dit levert bij woningbouwprojecten al gauw een versnelling van 6 maanden op.

De ministerraad heeft ermee ingestemd het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State te zenden. De tekst van het wetsvoorstel en van het advies van de Raad van State worden openbaar bij indiening bij de Tweede Kamer.