Collegevragen inzake nieuwe woningmarktafspraken

GBW

Westland 02.05.2020 - Met de raadsinformatiebrief van 23 april 2020 informeert uw college de gemeenteraad over aanstaande nieuwe woningmarktafspraken binnen de regio Haaglanden.

Bij de brief zijn een vijftal documenten gevoegd. In één ervan – het abf-rapport ‘Naar een meer evenwichtige regio Haaglanden’ – wordt de basis gelegd voor de nieuwe woningmarktafspraken.

Portee van de nieuwe afspraken is dat de verdeling van de sociale huurwoningen over de negen gemeenten in de regio door nivellering moet worden gewijzigd. Het abf-rapport beschrijft daartoe een scenario waarbij Westland in de komende tien jaar ruim 2.600 sociale huurwoningen méér bouwt dan in behoefteramingen is berekend, terwijl buurgemeenten Rijswijk en Delft bijvoorbeeld in de komende tien jaar dan minder sociale huurwoningen bouwen (bijlage onderaan). 

Van uw college wordt verwacht dat (vooralsnog vóór 1 juni a.s.) in een realistisch en haalbaar bod wordt opgegeven welke concrete bijdragen Westland aan de (nivellerings)doelstellingen van de nieuwe woningmarktafspraken gaat leveren. 

In de planning voor het proces van de nieuwe woningmarktafspraken is in de periode tot 1 juni (nog) geen ruimte gereserveerd voor beraadslagingen over de rapportages en doelstellingen van nieuwe woningmarktafspraken met de gemeenteraad. 

Deze omissie brengt ons tot de volgende vragen:

- De nieuwe woningmarktafspraken vormen een uitwerking van het in 2017 gesloten convenant ‘Gaten dichten in Haaglanden’. Binnen dit convenant heeft het toenmalige college van B&W de ambitie uitgesproken van de bouw van 1.500 sociale huurwoningen en de overname van de bestaande huurvoorraad van Vestia in Westland om zo doende 2.000 sociale huurwoningen te behouden.

Wilt uw college ons de verzekering geven dat uw bod op de nieuwe woningmarktafspraken niet verder zal gaan dan het bouwprogramma in de Woonvisie Westland en de Westlandse ambitie in het convenant ‘Gaten dichten in Haaglanden’?

- Doel van de nieuwe woningmarktafspraken is een verdere ontwikkeling van een ‘ongedeelde regio’. In een ‘ongedeelde regio’ kunnen woningzoekenden in alle gemeenten terecht voor een sociale huurwoning. Actuele cijfers wijzen uit dat woningzoekenden van binnen en van buiten de regio óók in Westland terecht kunnen voor een sociale huurwoningen: de slaagkans is in Westland zelfs hoger is dan het gemiddelde in de regio (bijlage onderaan). 

Deelt uw college onze opvatting dat vanuit het perspectief van de slaagkans voor woningzoekenden er geen enkele aanleiding en/of noodzaak is tot nivellering van het de voorraad sociale huurwoningen in de regio en/of er naar te streven dat in Westland méér sociale huurwoningen gebouwd gaan worden dan volgt uit actuele woningbehoefteramingen? 

- Feit is überhaupt dat de woningvoorraad in een stad sinds jaar en dag structureel afwijkt van die in een dorp: meer sociale huur- en minder koopwoningen. Feit is dus ook dat woningzoekenden in elke stad en elk dorp in onze regio terecht kunnen voor een sociale huurwoning en feit is dat er binnen steden en dorpen in de regio geen sprake is van ruimtelijke segregatie.

Voor welk probleem bieden de nieuwe  woningmarktafspraken (en in bijzonder de afspraken over nivellering van de woningvoorraad sociale huurwoningen in de verschillende dorpen en steden in de regio) een oplossing?

GemeenteBelang Westland

André van den Berg