Gang van zaken rondom sluiting kaasmakerij

College Westland

's-Gravenzande 06.03.2019 - Op 16 januari 2019 heeft de fractie Westland Verstandig collegevragen gesteld inzake overlast door het storten van kaasafval aan de Franklinstraat.

Ingevolge artikel 42 van het Reglement van Orde informeren zij u als volgt.   

Vraag 1
Is het College bekend met vorenstaande problemen en waarom worden de ondernemers van het kastje naar de muur gestuurd en onderneemt de gemeente geen daadwerkelijke actie? 

Antwoord 1
Ja, het college is op de hoogte van de problemen, maar heeft niet de indruk dat ondernemers “van het kastje naar de muur” worden gestuurd. Bij de beantwoording van vraag 2 zal ingegaan worden op de actie die door de ODH namens de gemeente is ondernomen. 

Vraag 2
Heeft de gemeente deze kwestie aangemeld bij de ODH en als dat gebeurd is, waarom heeft de ODH dan geen actie ondernomen?   

Antwoord 2
Ja. De ODH heeft op 4 april 2018, zonder tussenkomst van de gemeente, een eerste melding ontvangen van de ondervonden overlast. Door de ODH is direct onderzoek uitgevoerd naar de overlast en gecontroleerd of er sprake was van overtredingen van de milieuwet- en regelgeving. Op 6 april 2018 is met de klager contact opgenomen. 

Op 24 april 2018 zijn twee brieven verzonden door de ODH. Eén brief betrof een waarschuwingsbrief richting de inrichting houder voor het overtreden van een tweetal artikelen uit het Activitei tenbesluit. De tweede brief betrof een schrijven richting de klager, waarin deze werd geïnformeerd over het feit dat de ODH een handhavingstraject had opgestart. 

Na het verstrijken van de hersteltermijn is door de ODH meerdere keren een bezoek gebracht aan de locatie voor het uitvoeren van een hercontrole. Bij deze bezoeken bleek de locatie gesloten en kon er geen controle plaatsvinden. Op 6 augustus 2018 is naar aanleiding van een nieuwe overlastmelding in de avond/nacht een bezoek gebracht aan de locatie en is vastgesteld dat de overtredingen nog steeds voortduurde.

Naar aanleiding van deze controle is het handha vingstraject voortgezet en een voornemen tot last onder dwangsom op 21 augustus 2018 aangetekend naar de ondernemer verstuurd. Op 14 september 2018 is vervolgens de last onder dwangsom aangetekend verzonden naar de ondernemer.

De hersteltermijn in de dwangsombeschikking voor de overtreding “lozen zonder vetafscheider” verliep op 9 november 2018. Na het verstrijken van de termijn zijn diverse pogingen ondernomen om een controle bij de ondernemer uit te voeren. Tijdens elk bezoek bleek dat de ondernemer niet aanwezig was en de inrichting gesloten.

Ook is het in die periode niet gelukt om telefonisch contact met de betrokken ondernemer te krijgen. Inmiddels was van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) vernomen dat de ondernemer ook de kwaliteitscriteria ten aanzien van kaas overtrad.

Op 7 februari 2019 is de milieuafdeling van de politie, na hernieuwde stankklachten het bedrijfspand binnengevallen. In samenwerking met de ODH, de NVWA en het Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel (COKZ) is uitgebreid onderzoek in en rondom het pand ingesteld. Het bedrijfspand is ontruimd en er wordt niet verwacht dat de ondernemer in dit pand en de gemeente Westland terug zal keren.   

Vraag 3
Wat zijn de standaardprocedures bij dit soort klachten en wordt het niet tijd dat deze procedures meer open en transparant worden zodat klagers ook daadwerkelijk zien wat met hun klachten gebeurt en dat zij ook ter plekke verbetering constateren, hetgeen nu niet het geval is? 

Antwoord 3
De standaard procedure van de ODH is dat na een melding binnen drie dagen met een klager contact wordt opgenomen voor een intake van zijn/haar overlastmelding. Na de intake wordt de overlastsituatie toegewezen aan een behandelend toezichthouder die vervolgens de overlastsituatie in onderzoek neemt. Als het onderzoek is afgerond ontvangt de klager altijd een bericht over de conclusies van het onderzoek en of er sprake is van overtredingen.

Als er overtredingen zijn wordt tevens kenbaar gemaakt welke termijn de overtreder heeft om deze overtredingen te beëindigen. In onderhavige casus is gedurende het gehele handhavingsproces steeds contact geweest tussen ODH en overlastmelder.

De ODH heeft overlastmelder over alle stappen in het handhavingstraject geïnformeerd en vele pogingen ondernomen om mogelijke overtredingen te constateren.