Stand van zaken beroep tegen verkeersboetes

Openbaar Ministerie

Den Haag 30.11.2019 - In de media is vandaag een bericht verschenen over beroepen tegen een verkeersboete.

Het Openbaar Ministerie graag een toelichting op de cijfers die hierin genoemd staan.

Het aantal beroepen op de beslissing van de officier van justitie bedroeg vorig jaar 430.365 zaken, op een totaal aantal beschikkingen (boetes) van 9.182.571. Dat betekent dat 4% van de mensen die een boete krijgen, daartegen in beroep gaat. Betrokkenen die het niet eens zijn met de beslissing van de officier van justitie kunnen vervolgens in beroep gaan bij de kantonrechter.

Bijna 3 miljoen verkeersovertredingen tussen mei en augustus

Een groot deel van de ingediende beroepen op de officier van justitie betreft beroepen van een leasemaatschappij of verhuurbedrijf, in 2018 ging het om 100.064 beroepen. Al deze beroepen worden gegrond verklaard, immers niet de leasemaatschappij of verhuurbedrijf moet de ontvangen beschikking betalen, maar de betreffende bestuurder. De boetes zijn daarmee wel terecht opgelegd, maar voor een andere persoon bestemd. De boete wordt dan na bewijs van een (langlopend) verhuurcontract op naam van de bestuurder gezet.

Van alle overige beroepen (330.301 beroepen) zijn dit de genomen beslissingen:

- 179.828        Beroep wordt afgewezen
- 26.077          Niet ontvankelijk (niet tijdig of incompleet ingediend): het beroep wordt afgewezen
- 107.300        Het beroep wordt gegrond verklaard, de boete vernietigd
- 5.650            Het beroep is deels gegrond, boete wordt niet vernietigd maar gewijzigd
- 11.446          Er is (nog) geen beslissing genomen

Dus: ongeveer 4% gaat in beroep. Deze worden daarna inhoudelijk beoordeeld, waarna bij een kwart de boete aan iemand anders wordt opgelegd, en een kwart gelijk krijgt op inhoudelijke gronden. Dit is dus iets meer dan 1% van het totale aantal boetes.  Iedereen heeft de mogelijkheid om in beroep te gaan tegen een opgelegde boete. Dit is een belangrijke rechtszekerheid voor de burger die met een boete wordt geconfronteerd.  

Als er goede inhoudelijke argumenten worden aangevoerd waarom een beschikking niet had moeten worden opgelegd, kan een beroep gegrond worden verklaard. Mocht dat bijvoorbeeld bij bepaalde overtredingen vaak gebeuren, dan signaleren we dat en worden in overleg met de betreffende opsporingsinstantie maatregelen genomen.